Jezelf bezeiken

Pas als je in korte broek staat te pissen boven de toiletpot merk je hoeveel urine opspat en tegen en langs je blote onderbenen spettert. Het spettert net zo erg als wanneer je natte frietjes met nog wat water in het hete frituurvet kiepert of wanneer je kipfilet in een pan met hete olijfolie gaart. Je voelt je als pisser in korte broek echt straalbezeken! Een ongevraagde golden shower! Plasseks met jezelf! Nou ja, seks, opgewonden word je er niet van! Doe mij maar een lief, gepassioneerd, warm kusje en een lief woordje in mijn oren. Dat is pas goeie seks!

Je zou als bermuda-boy natuurlijk op de toiletpot kunnen gaan zitten teneinde de plas-spetters op je scheenbenen en kuiten te voorkomen, maar soms heb je geen zin of tijd om plaats te nemen op de wc-bril. En zo’n wc-bril is ook niet hygiënisch. Mijn echtgenote legt altijd wc-papier op de wc-bril voordat ze gaat zitten, maar dat is mij te veel werk. En ik ben niet vies van een beetje smerigheid. Ik sta er gewoonweg niet zo bij stil en maak er niet zo’n punt van. Ik heb een smetvrees-fobie: ik ben bang om smetvrees op te lopen!

http://www.rolanddanckaert.nl

 

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Blogger met veel stijlen

Ik presenteer me niet eenduidig, en juist dat past bij mij. Mijn schrijfstijl is dat ik heel veel verschillende schrijfstijlen heb. Ik ben niet voor één gat te vangen. Je kunt mij herkennen aan mijn diversiteit, aan mijn vele stijlen die allemaal van mezelf zijn. Niet alleen heb ik veel verschillende manieren waarop ik schrijf, maar de onderwerpen waarover ik schrijf zijn eveneens zeer variabel, zeer divers. Ik denk dat er bijna geen blogger is te vinden die zoveel variatie levert als ik. Ik ben nou eenmaal gesteld op afwisseling en op versnippering. Daarbij komt ook nog, dat ik me niet beperk tot één humeur wanneer ik een blog vervaardig. Een mens heeft veel verschillende emoties en kan steeds weer in een andere bui zijn. Ik zeker. De meeste bloggers, columnisten maar ook auteurs en artiesten doen hun werk op steeds dezelfde, herkenbare maar daardoor ook voorspelbare manier. Zij presenteren zich altijd op dezelfde wijze. Daar is niks mis mee. Maar zo ben ik niet. De ene keer is mijn werk puur autobiografisch, de andere keer volledig uit de duim gezogen en weer een ander keer is het half-om-half. De ene keer doe ik cabaratesk, de andere keer kies ik voor een meer journalistieke benadering. De ene keer ben ik grof, de andere keer fijngevoelig. De ene keer gebruik ik heel lange zinnen, de andere keer juist hele korte.

Zodoende kunnen mensen me niet in een hokje plaatsen of duwen. Ze weten echter precies wat ze aan me hebben: een vat vol tegenstrijdigheden, en in dit verband beschouw en ervaar ik dat zelf niet als negatief. Ik heb gewoon heel veel kleuren. En ik toon ze allemaal. Met al die verschillende kleurstiften ga ik te werk. En sommige kleuren vloeken met elkaar, en soms doe ik dat juist opzettelijk.

Het is een misverstand dat het schrijven voor mij hoofdzakelijk een uitlaatklep is. Ik beschouw het niet alleen als mijn passie, maar tevens als mijn missie, en zelfs als mijn vak, ook al word ik als blogger amper gelezen en niet betaald. En ik geef altijd plankgas. Het is alles of niets. De tussenweg is nou eenmaal niet op mijn lijf geschreven. En dat is niet fout.

Ik schrijf ongecensureerd wat ik voel, droom, verlang, fantaseer en vind, ook als het niet waar is. Niet alles wat we zeggen of menen te willen, willen we ook echt. Niet alles wat we voelen en denken, is waar en menen we. Niet al onze wensen hoeven uit te komen. Maar je mag en kunt er wel over praten, mijmeren en schrijven. Een kunstenaar – een goede of slechte kunstenaar, een beroemde of onbekende kunstenaar, dat maakt niet uit – neemt die vrijheid.

http://www.rolanddanckaert.nl

 

 

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Music while you drive

Driving in my car

Empty vacation streets

The city is at the beach

The man with the dog

is walking close to the sea

Listening to the radio is

something else when you

are on the road (by yourself)

Elvis Costello sings a happy song

with a voice full of teardrops

Music in the car sounds

like you are doing fine

The wheel and the speakers…

it’s a magical combination!

© Roland Danckaert

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Karma verjaart niet

Dikwijls droomde ik dat ik een lijk – iemand die ik had vermoord – onder de grond van ons (huidige of vroegere) huis of van onze (huidige of vroegere) tuin had verstopt. Het geheim dat ik angstvallig bewaarde, dreigde te worden ontrafeld. Mijn reputatie zou naar de knoppen zijn en mijn vrijheid zou verleden tijd zijn. Deze droom leek zo echt(gebeurd) en maakte zo duidelijk dat ik een moordenaar was die een lijk had verstopt, dat ik zelfs in het echte leven – als ik wakker was – dacht dat ik werkelijk een misdaad had begaan die ik had verdrongen. Wanneer dergelijke moordzaken en speurtochten naar moordenaars in het nieuws waren, dan was ik écht bang dat ik de desbetreffende moord had gepleegd en dat ik de desbetreffende moordenaar was naar wie werd gezocht.

Ik heb mezelf een tijdje wijsgemaakt dat ik in reïncarnatie geloofde en ik word nog steeds omringd door familieleden en een paar vrienden die daar heilig in geloven… Ik vroeg me dan ook af of deze dromen een gebeurtenis en emotie betroffen uit een van mijn vorige levens. Karma verjaart niet. Je daden in het verleden blijven je achtervolgen, zelfs wanneer je 450 jaar geleden een misdrijf hebt gepleegd. Wat je in de zeventiende eeuw zaaide, kun je ook anno 2020 nog oogsten. Het Alziend Oog verliest niets uit het oog, vergeet niets en vergeeft pas wanneer de prijs is betaald. Zou ik alsnog kunnen worden gepakt en veroordeeld voor het vermoorden en begraven van iemand die ik twee vorige levens geleden van het leven heb beroofd? In mijn droom wel. In mijn droom leidden alle sporen naar mij.

Tegenwoordig denk ik dat deze aldoor terugkerende droom symbool stond voor verborgen verlangens die aan de oppervlakte dreigden te komen en die door de buitenwereld zouden worden afgekeurd, met alle gevolgen van dien voor mijn verstandhouding en toekomst met bepaalde mensen die bepalend en/of belangrijk voor me waren of dat nog altijd zijn…

http://www.rolanddanckaert.nl

 

 

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Gone to no(t) us-land

He’s gone

Gone to no(t) us-land

But he is closer than ever

from where I stand!

All I have now

is me missing his glow

Goodbye, my friend!

© Roland Danckaert

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

De weg omhoog met ups en downs

Optimaal, goed en efficiënt gebruik maken van mijn levenservaring, mensenkennis, zelfkennis, intuïtie en verstandelijke vermogens, en dat gedurende een heel erg boeiend maar ook belastend bestaan, dat is zo’n beetje waar het voor mij op neerkomt. Hoe sla ik me zo effectief en prettig mogelijk door het bestaan, door het lijden en door het geluk, en hoe kan ik fijn omgaan met anderen en hen helpen?

Onderweg heb ik veel fouten gemaakt, steeds opnieuw dezelfde fouten zelfs. Maar onderweg heb ik tevens veel ondervonden, ontdekt, geleerd, overwonnen en opgepikt.

BIJ HET STARTSCHOT WAS DE ZELFACCEPTATIE ALS EERSTE WEG

Waar begon het leerproces? Wat was het moment waarop ik zelf achter het stuur ging zitten, bewuster ging leven en de gevolgen van mijn trauma’s en oorzaken van mijn problemen ging aanpakken? Ik denk dat het begon bij het leren doorgronden, houden en accepteren van mezelf. Dat had ik hard nodig. Ik dook weg voor mezelf, deed mezelf anders voor dan ik was, had een minderwaardigheidscomplex en vond mezelf lelijk, terwijl ik best wel knap was. Zelfonderzoek – een eerlijke kijk op mezelf, maar met de intentie om mezelf meer lief te leren hebben – was in dat proces essentieel. Ik leerde mezelf kennen door heel eerlijk naar mezelf toe al mijn eigenschappen op een rijtje te zetten, en toe te geven wat ik (leuk) vind en nodig heb en waar ik naar verlang en wat ik belangrijk acht in mijn leven. Ik maakte de balans op van wie ik nou eigenlijk ben en wat mij drijft en hoe ik over bepaalde zaken denk (dat had ik net als mijn moeder en vader,  naar buiten toe, altijd verstopt). Eindelijk zag ik wie ik was, hoe ik ben en hoe ik (niet) functioneer.

Vervolgens leerde ik het uiterlijk van mijn lichaam en gezicht, maar ook mijn tekortkomingen en mijn behoeften en karakter en gedragingen te aanvaarden, en binnen deze ontwikkeling van mezelf te houden. Ik hoef niet langer aan een bepaald (ideaal)beeld te voldoen, ik mag gewoon zijn wie ik ben, met al mijn plussen en minnen. Je bent wie je bent en zo is het goed. Je moet jezelf ook wel aanvaarden, want je bent niet iets of iemand anders dan jezelf! Je moet het ermee doen, hoe en wat je ook bent! Probeer in gezonde (zelf)liefde te baden!

UIT LIEFDE WERKEN AAN DE BESTE VERSIE VAN MEZELF

Echter, sommige dingen aan mezelf wilde ik bijschaven of verbeteren. Omdat ik de beste versie van mezelf wilde worden, voor mezelf en ook voor de mensen die van mij houden of die op wat voor manier dan ook met mij te maken hebben. Ik was eerlijk over mijn minpunten en waar mogelijk probeerde ik deze minpunten om te turnen in pluspunten. En dan heb ik het natuurlijk niet over het veranderen van een geaardheid of van temperament, bepaalde behoeften en wezenlijke karaktereigenschappen, want die liggen vast en zijn goed zoals ze zijn. Ik heb het over de kwaliteit van het reageren op wat je overkomt en in de omgang met jezelf en anderen, alsmede over de kwaliteit van de keuzes die je maakt/kunt maken.

Ik leerde mezelf aan om vaker de voor mij juiste ontspanning te zoeken, in het hier en nu te leven en ervan te genieten, mijn eigen mening te vormen en te geven, zelf te onderzoeken en na te denken en niet automatisch af te gaan op wat anderen zeggen/beweren/adviseren, me minder aan te trekken van wat anderen van me (zouden kunnen) vinden of van me (zouden) zeggen, selectiever/bewuster keuzes te maken (wat/wie past bij mij en doet me goed en wie/wat juist niet?), blij te zijn met de alledaagse genoegens, ‘nee’ te zeggen en me niet voor andermans karretje te laten spannen en me niet over te laten halen als ik het echt niet wil of hoef te doen, mijn leefomgeving meer te waarderen, op tijd rust te nemen, eerlijker en opener te zijn, mijn grenzen eerder en beter aan te geven, om hulp te vragen en hulp te accepteren en mijn trots opzij te zetten, andermans grenzen meer te respecteren, kritiek te incasseren, op een normale manier iemand de waarheid te zeggen, sorry te zeggen, mijn fouten ruiterlijk toe te geven, anderen te vergeven, uit liefde milder en redelijker te oordelen over de ander en zorgvuldiger te kijken naar anderen.

Ik kwam tot de ontdekking dat ons dagelijks leefpatroon – onze dagelijkse keuzes, ons dagelijks doen en laten, onze dagbesteding – het grote verschil kan maken. Dat wat we nu doen en laten, heeft gevolgen voor nu, maar ook voor morgen en daarna. We moeten leren iedere keer opnieuw kritisch te kijken naar en te zijn over onze handel en wandel. En als je je rot voelt, denk dan eens terug: een dag, een week, een maand, het afgelopen half jaar. Ga daarbij na waar het verkeerd ging, wanneer en waardoor de trammelant ontstond en welk aandeel je er zelf in had: ben je misschien niet op de juiste of best mogelijke manier met tegenslagen omgegaan? Stond je erg onder druk en waardoor en hoe zou je dat kunnen verbeteren? Stel jezelf vragen en zoek super creatief en volhardend naar oplossingen of verlichting! Geef nooit op!

Voor mij was dit allemaal niet vanzelfsprekend, geen automatismen. Nog steeds moet ik mezelf trainen om al deze zaken nog beter onder de knie te krijgen. Regelmatig treedt er toch weer verslapping op en verval ik in oude gewoontes. Maar dat is niet erg. Dat is een mens eigen. Een mens mag ieder moment weer opnieuw proberen. Het is vallen en opstaan. Het is makkelijker om iets af te leren dan iets aan te leren.

Maar deze zelfverwezenlijking heeft alles te maken met het trachten te veraangenamen van je leven. Het leven is dikwijls keihard en ontzettend gecompliceerd en onaangenaam en de maatschappij idem dito, en dan is het voor ons zaak om het onszelf en elkaar zo aangenaam mogelijk te maken, lief en goed te zijn voor elkaar en voor onszelf. Niet te hard te zijn voor onszelf en elkaar. Ofschoon, zachte heelmeesters maken stinkende wonden. Je moet soms ook streng en rechtvaardig zijn, naar jezelf toe, naar anderen toe en in de opvoeding van je kinderen. Het is vrijwel altijd een kwestie van en.. en…  En lief zijn als het kan en streng en rechtvaardig zijn als het moet.

*

Teneinde een modus te vinden waarmee of waarin ik beter mijn draai kan vinden in de maatschappij, het bestaan en mijn persoonlijke leven was het voor mij tevens belangrijk om mijn eigen levensfilosofie te ontwikkelen. Ik werd me bewust van mijn conditionering. Heel veel visies en filosofieën van anderen en van grote denkers had ook ik geadopteerd, maar ze waren en werden nooit echt van mezelf. Ik besloot om alle beweringen van anderen terzijde te schuiven en zelf te gaan uitpluizen wat voor mij de waarheid is. Al snel kwam ik er voor mezelf achter dat ik eigenlijk in weinig kan geloven waarin de mensheid gelooft. God, Jezus als Zijn zoon, De Bijbel als het woord van God, de dogma’s van de kerk, maar ook karma, bekommernis van boven, een Hoger Plan, de aarde als spirituele leerschool en reïncarnatie… Ik geloof er niet in, en sterker nog: ik hecht er geen waarde aan. Ik kan er niks mee. Het lijkt me allemaal zeer onwaarschijnlijk. Ik voel het niet aan als waarheid. Uiteindelijk zijn we allemaal aangewezen op ELKAAR. We moeten het voor en met elkaar zien te rooien! Dat is de ware essentie van onze samenleving!

Volgens mij proberen mensen het kleurplaatje helemaal in te kleuren met een geloof dat of een theorie die hen aanspreekt en/of dat/die hen met de paplepel is ingegoten. Maar ik denk dat het mysterie heel anders in elkaar zit dan we (kunnen) weten of vermoeden, of dat er helemaal geen religieus of spiritueel mysterie is en dat het gewoon een kwestie is van een (qua oorsprong) onverklaarbaar natuurlijk proces van natuurlijke selectie/evolutie. In mijn optiek is alles natuur en zoals de natuur: een vat vol constructieve en destructieve eigenschappen, gedragingen en mogelijkheden. Waarom dat zo is? Daarom: het is (zoals het is)! En ook Het Niets is Iets!

De evolutietheorie spreekt me erg aan. En ik ben in zoverre spiritueel dat ik wel geloof dat alles (opbouwende en afbrekende) energie is en dat ik wel geloof in manifestaties/werkelijkheden/mogelijkheden die de meeste mensen (nog) niet ervaren, alsmede in golflengtes, frequenties en gedachtekracht/gedachtestromen (trillingen/energiestromen).

EEN STERK ONTWIKKELD EGO MAAR GEEN GROOT EGO

Ik kwam tot de conclusie dat het voor mij helemaal niet zo relevant is of er leven is na de dood. Mijn ego is sterk, maar niet zo groot dat ik na mijn heengaan per se (eeuwig) moet voortleven. Daar zie ik zelfs de waarde en het belang niet van in. Ik acht het onwaarschijnlijk dat er leven is na de dood en als er leven na de dood is, acht ik het nog onwaarschijnlijker dat ik dan nog weet/besef en ben wie ik nu ben. Ik vind het dus een vrij oninteressante kwestie, dat leven na de dood. Ik wil gewoon hier en nu mijn best doen en het zo fijn mogelijk hebben, en zo goed mogelijk zijn voor anderen, maar me ook verweren tegen mijn vijanden, tegen de onaangename mensen die het niet goed met me/ons voor hebben. Leven is ook vooral een strijd.

*

Voorts wilde ik onderzoeken waarom de mensheid doet zoals ze doet en de maatschappij is zoals ze is. Ik keek heel vaak naar oorlogsdocumentaires, natuurfilms en kunstprogramma’s. En naar het nieuws, de actualiteiten. Ik zag in dat de dierenwereld en plantenwereld niet veel anders zijn dan de mensenwereld en dat het ook daar draait om (de kunst tot) overleven, territoriumdrift, competitie, concurrentie, sociale contacten en status en dat ook daar sprake is van moord, incest, pedofilie, homofilie, necrofilie, ruzie en geweld, vandalisme, liefde, zorgzaamheid, misleiding, polygamie en monogamie, verkrachting, vreemdgaan en ga zo maar door. Niets dierlijks en plantaardigs is ons mensen vreemd. Deze ware aard van de natuur – waar geen mens of menselijke invloed aan te pas komt – bevestigt voor mij dat de natuur een mengelmoes is van constructieve en destructieve krachten, verschijnselen en machten en dat de mens is zoals de natuur is. De mens is een dier dat op z’n achterste benen loopt en condooms gebruikt.

Ik zag mede in dat mensen met een bepaald karakter, geaardheid en aanleg alsook met  bepaalde achilleshielen en talenten worden geboren en dat sommige mensen van nature geneigd zijn tot het slechte, bijvoorbeeld door een persoonlijkheidsstoornis, door een hoge mate van psychopathie en sadisme in hun karakter/aanleg. Bij deze mensen zullen traumatische gebeurtenissen en negatieve nursing-factoren meer tragische gevolgen hebben voor hun ontwikkeling, keuzes, meningen en daden.

Ik zag in dat sommige mensen nou eenmaal wijzer, liever, rechtvaardiger en leuker zijn dan anderen. Je krijgt nooit de hele mensheid op één lijn, idealistisch, beschaafd en altruïstisch. Daarom gaat het met de mensheid van meet af aan zoals het gaat.

IN Z’N TOTALITEIT IS DE ONTWIKKELING VAN DE MENS ALS SOORT RONDUIT TELEURSTELLEND

Onze ontwikkeling als soort valt me trouwens erg tegen, op wereldschaal bekeken. Deswege vind ik het verschrikkelijk dat we zo tegennatuurlijk zijn gaan leven, de natuur geweld blijven aandoen, het milieu verpesten, ecosystemen vernielen, de biodiversiteit slopen, natuurvolkeren/oorspronkelijke bewoners uitroeien en zo respectloos en barbaars omgaan met elkaar en met dieren.

Trump als toegewijde monnik in een boeddhistisch klooster vind ik het, dat we anno 2020 nog steeds niet iedere levende ziel een bestaansminimum willen garanderen, elkaar weinig gunnen, elkander daarentegen harteloos blijven beconcurreren en bevechten, dat we niet eerlijk willen delen en dat we vasthouden aan stelsels en systemen die doodziek zijn en gelijkheid, vrijheid en broederschap ondermijnen en veiligheid en vrede teniet doen. Ik vind het onwerkelijk dat we anno 2020 nog steeds niet loskomen van religieuze en culturele bekrompenheid en naargeestigheid, dat we anno 2020 nog steeds niet De Liefde als belangrijkste culturele, religieuze en politieke uitgangspunt willen nemen, elkaar nog altijd naar het leven staan (vanwege het anders-zijn) en we ons nog altijd op een ziekelijke manier met elkaar bemoeien en niet vrij en in zijn/haar waarde kunnen laten.

*

Hoe dan ook, ik ontwikkelde mijn eigen levensfilosofie, psychologie, zelf-therapie (ontspanningsprogramma, fobietraining, woedebeheersing), wereldbeeld, mensbeeld en maatschappijvisie. Ondertussen onderzocht ik hoe ik aan mijn stoornissen ben gekomen en hoe ik daarmee ben omgegaan, en wat ik voortaan anders (lees: beter) zou kunnen doen. Ziedaar, mijn fobieën, angst-, paniek- en stress-stoornissen zijn duidelijk het gevolg van de combinatie van mijn zeer gevoelige aard en de emotioneel, fysiek en mentaal zeer belastende thuissituatie waar geen ontkomen, geen ontsnappen aan was.

Kortom: veel te veel en veel te lang stress en spanningen en emotionele onrust. Ik ontwikkelde me qua psychische gezondheid daardoor niet gunstig, maar werd nooit geholpen of bijgestuurd. Het bleef onbehandeld. Sterker nog, de sfeer werd aldoor grimmiger en vijandiger en de omstandigheden en invloed werden in toenemende mate ziekelijker. Ik bleef blootstaan aan onmenselijke en pedagogisch totaal onverantwoorde (wan)toestanden. Niemand wist van mijn zelfhaat, sociale fobie/remmingen/fundamentele onzekerheid, bloosangst, minderwaardigheidscomplex en eetstoornis en mijn verdriet, ongelukkig-zijn, woede en leegte of van mijn hunkering naar liefde en lust. Ik droeg het allemaal alleen.

Niet alleen mijn eigen rugzak droeg ik, maar ook die van mijn ongelukkige moeder en van alles en iedereen in de wereld dat en die onrecht werd aangedaan (Weltschmerz): ik leed met alles en iedereen mee. Dat kon niet goed gaan. De bom moest op een dag barsten, en dat geschiedde ook. Totdat ik ongeveer 20 jaar geleden echt zelf ging nadenken en zelf aan mijn herstel werkte, werd de schade door de gebarsten bom niet gerepareerd maar verergerd, doordat ik niet de juiste hulp(verleners) kreeg. Ik heb de indruk dat velen in mijn periferie – mijn gezin buiten beschouwing gelaten – niet kunnen bevatten dat de schade die ik heb opgelopen zo groot is dat die met geen mogelijkheid is te repareren, hoezeer ik ook alle zeilen bijzet en naar oplossingen zoek en ondanks alle (professionele) hulp.

*

IK HEB OP LATERE LEEFTIJD MEZELF MOETEN OPVOEDEN, VAN EEN KIND EEN VOLWASSENE MOETEN MAKEN

ZELF. Dat is in mijn leven, gezien mijn lot, HET KERNWOORD. Ik heb, toen ik al volwassen was en bij gebrek aan sturing en hulp in mijn jeugd, MEZELF moeten opvoeden: ik heb ZELF volwassen moeten leren worden en MEZELF moeten helpen bij het repareren van alle schade. Ik heb moeten leren ZELF na te denken, en onderwijl open te staan voor goede raad, mooie inzichten, interessante meningen, de kennis, levenservaring en zienswijze van anderen. Daarbij ben ik vanaf mijn 24ste trouw bijgestaan door mijn lieve, trouwe, schrandere, wijze vrouw en door enkele heel goede vrienden.

*

Ik wil graag oud worden, liefst op een leuke manier en sowieso op een wijze die niet nog ondraaglijker is dan heden. Maar ik heb daar slechts deels een klein beetje invloed op, terwijl de dood onafwendbaar is. Het zal gaan zoals het gaat. Net zo min als jij/u heb ik dat helemaal zelf in de hand. Vaak is het slechts een kwestie van reageren (of niet reageren) op wat ons nu weer overkomt of is aangedaan. We worden weer eens ergens mee of met iemand geconfronteerd, en dan moeten we het ons maar uitzoeken. En in de kern zijn we moederziel alleen. Niemand anders kan ons leven voor ons leiden. Niemand anders kan ons Zelf vervangen. Bij psychische toerekeningsvatbaarheid en wilsbekwaamheid zijn al onze dilemma’s onze dilemma’s, al onze keuzes onze keuzes en de gevolgen/consequenties voor ons.

IK ERVAAR HET LEVEN ALS IETS DAT ONS WORDT AANGEDAAN EN ALS IETS DAT ONS CADEAU IS GEDAAN…

Ik vind het leven en MIJN leven zowel verrukkelijk als verschrikkelijk, de mensheid zowel ongeëvenaard mooi als ongeëvenaard afschuwelijk en dat geldt ook voor de maatschappij. Maar ik zie wel in dat ik niet verantwoordelijk ben voor de aard van de mensheid, het aardse bestaan en de maatschappij. Ik heb niet gevraagd om dit bestaan, er was geen keuzevrijheid. Ook ik moet me maar aan dit hele gedoe onderwerpen. Ook ik dien het allemaal te doorstaan en te ondergaan. In dat licht van overmacht en onmacht bezien, ben ik als een kind zo blij dat ik in elk geval mijn eigen geluid laat horen en kan laten horen, dat ik sterk in mijn schoenen ben gaan staan en me kan warmen aan mijn eigen visies. Ik ben een selfmade man, een selfmade man die geniet van het Bourgondische leven, de liefde, kunst, waarheid, wetenschap, persoonlijke groei en alledaagse aardse geneugten! Ik ben van nature een goed mens met lieve genen. Ik kom uit prima geslachten. Het is niet eens mijn eigen verdienste, net zo min als dat iets mijn eigen schuld is. Ik geloof, filosofisch en psychologisch gezien, niet zo in schuld en eigen verdienste. We zijn allemaal maar natuurverschijnselen, onvrijwillig op de wereld gezet.

IK BESTUUR MIJN EIGEN SCHIP

Ik ben echt mezelf geworden, authentiek, oorspronkelijk, maar ook ontwikkeld. Ik ben niet zomaar iemand. Dat geeft me een goed gevoel. Ik sta zelf aan het roer. Ik onderwerp me niet aan een God en aan goeroes in wie ik niet geloof, en ook niet aan de mening van de kudde, van de grootste groep. Ik zeg niet wat anderen (van me) verwachten, ik doe niet zoals anderen dat (van me) verlangen. Ik hou natuurlijk rekening met anderen, maar ik ben geen meeloper. Daardoor ben ik eerder een roepende in de woestijn.

Gesteund door de liefde van vrouw en kinderen, familie en vrienden, help ik nog steeds mezelf, en wel door zelf na te denken en tot mijn eigen gevolgtrekkingen te komen. Het zit vaak heel anders, die waarheid, dan hoe het gros van de mensen die ziet en verwoordt. De waarheid is vaak veel meer gelaagd en veel-kleuriger, veel genuanceerder. Mensen oordelen veel te makkelijk en te snel en veel te simpel, te onnadenkend. Je moet altijd elke situatie en elk geval specifiek ontleden. Alles en iedereen heeft z’n eigen verhaal, en dat verhaal kun je niet in wat Twitter-regels samenvatten.

Tal van kwesties – of het nou gaat om misdaad, overspel, drugs, het huwelijk, de opvoeding – vergen een eerlijke, humane, complete/holistische en specifieke analyse/benadering/ontleding. Om tot de nuance te komen. Om tot de kern door te dringen. Om zwart-wit-diagnoses en de zwart-wit aanpak te voorkomen.

We moeten leren de tijd te nemen om elkaar te bevragen en elkaar te vertellen over onze (werkelijke) beweegredenen, over AL onze beweegredenen. We moeten trachten de ander te doorgronden en niet af te schrijven maar te leren kennen. Nogmaals, daar moeten we de tijd voor nemen, en we dienen dan ook echt gemotiveerd zijn om de ander te willen begrijpen en ook bij onbegrip lief te hebben, te accepteren. Persoonlijk kan ik al mijn keuzes, ook mijn stomme en foute keuzes, motiveren en verdedigen, en een ieder die redelijk is en me mijn persoonlijke motieven gunt, zal die keuzes begrijpen.

Tot al deze inzichten ben ik tot dusver gekomen. En die maken mij tot wie ik ben en tot hoe ik in het leven sta en hoe ik me verhoud tot andere mensen.

*

Dit was wat mij betreft mijn pièce de résistance. Deze tekst bevat tal van inspirerende boodschappen en een eerlijke persoonlijke groei-beschrijving. Ik weet ook wel dat het geen (vak)literatuur is, dat niet alle zinnen even lekker lopen en dat ik niets te berde heb gebracht wat een nieuw wereldwonder zal ontketenen, maar zonder valse bescheidenheid kan ik stellen dat dit een goed en mooi stuk tekst is.

Neem bij het lezen van al mijn andere blogs – dikwijls te persoonlijk, te boos, te geil, te flauw – deze tekst in ogenschouw en hou deze tekst op je netvlies. Het is de kern van wie ik ben en wat ik hoop te kunnen overbrengen op anderen. Het is mijn belangrijkste intentie en mijn beste bijdrage aan de mensheid. Voor wat het (voor anderen) waard is. Maar het is MIJN visitekaartje en dus voor mij van enig belang, al kan ik dat ook wel weer heel spontaan en met een knipoog en kwinkslag relativeren en luchtig maken.

http://www.rolanddanckaert.nl

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Grappenhuis stort in

Ik liep langs het openstaande raam van de keuken van een pannenkoekenbakker toen ik een van de keukenhulpen roepend hoorde vragen: “Kun je die pan even aannemen, Roland?” Instinctmatig stak ik mijn hoofd door het raam. “Riep iemand mij?” Ik stak ook mijn handen door het raam om de pan te kunnen aannemen. Een van de flensjesflansers kon mijn actie niet waarderen en deed het raam voor mijn neus dicht, zonder wat te zeggen maar met een verongelijkt gezicht. Een pannenkoekenbakker zonder gevoel voor humor… Wat een pannenkoek is dat, zeg!

Het doet me denken aan die keer dat ik op internet iemand tegenkwam die ook Roland Danckaert heet. Een Belg. Aldus stuurde ik hem een e-mail: Hallo Roland Danckaert, heel veel groetjes van Roland Danckaert. Nooit iets op gehoord. De ene Roland Danckaert is de andere Roland Danckaert niet, zoveel is duidelijk. Ik zou meteen hebben gereageerd als een andere Roland Danckaert mij zo’n e-mail stuurde. Ik zou zoiets schrijven als: “Beste Roland Danckaert, keertje afspreken? Bij wie? Bij Roland Danckaert of bij Roland Danckaert?” Flauw misschien, maar beter een poging tot het maken van een grap dan serieus te blijven!

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

De ober met de dikke kont

Ober X heeft een normaal postuur. Hij is niet lang, maar ook niet heel klein. Hij is niet stevig en evenmin slank. Alles zit bij hem zo’n beetje ertussenin. Echter, zijn billen zijn buiten-proportioneel. Zijn kont is in verhouding tot de rest van zijn lichaam enorm. Zijn broek zit prima om de benen en bij het kruis, maar de stof om zijn reet staat helemaal strak! Zo’n achterwerk zie je normaal gesproken alleen bij dikke mensen. En dat nog niet eens! Voor iemand die zo lang achter elkaar moet staan en niet kan gaan zitten, heeft hij erg veel zitvlees!

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Niet rouwen om dood bloedverwant of partner

Je hebt geleefd. Punt. Of het goed was of slecht was, of het fijn was of verschrikkelijk, wat doet het er naderhand nog toe? Je hebt geleefd. Geen waarde-oordeel. Je was er. Dat is uiteindelijk waar het om gaat. Dat is uiteindelijk genoeg.

*

“Als mijn broer sterft, dan zal ik hem niet missen.”

Niet rouwig zijn om de dood van een bloedverwant of van jouw partner. Het komt voor. En als dat het geval is, dan zegt het iets over de tragiek van een verstandhouding. Volgens het boekje zijn (oud-)gezinsleden, familieleden en vaste partners dol op elkaar en betekenen ze veel voor elkaar, maar in de praktijk worden de schoenen niet altijd gepoetst en al helemaal niet op de ideale manier. In werkelijkheid wordt menig paar schoenen met hondenstront gepoetst.

“Als mijn broer sterft, dan zal ik hem niet missen.” Het is nogal een zin. Een bekentenis haast. Een biecht misschien zelfs. Volgens het droomscenario hoor je te treuren om de dood van een familielid zoals bijvoorbeeld je bloedeigen broer. Want dat houdt in dat de onderlinge verstandhouding goed was. Maar wanneer het overlijden van een naaste je (heel) weinig doet, dan duidt dat dus op bacteriën en virussen in de bloedbanen of op olievlekken op het boterbriefje.

Soms is de dood van iemand voor de nabestaande(n) zelfs een bevrijding, het einde van een moeizame relatie, een vete en/of van een totaal gebrek aan chemie, (wederzijdse) interesse, respect en liefde.

Dat is buitengewoon triest.

Als er zelfs helemaal niemand om je rouwt als je je ogen voorgoed hebt gesloten, dan leef je dus ook in niemand (nog een tijdje) voort, dan is er helemaal niemand op deze planeet met bijna negen miljard mensen voor wie je iets betekent of hebt betekend. Mogelijk komt dat dan door je eigen moeilijke en onmogelijke karakter, je onhebbelijke houding en/of door je stomme gedragingen, maar in hoeverre is dat – filosofisch en psychologisch gezien – (helemaal) je eigen schuld geweest? Wie heeft zichzelf verzonnen en in elkaar geknutseld? In hoeverre zijn we in staat aan onszelf te werken en te veranderen?

Vermoedelijk moet je over zoiets als een aanleg of talent beschikken om aan jezelf te kunnen werken en zelf-progressie te boeken. We zijn niet allemaal goede leerlingen. Soms is de wil er wel om in positieve zin te veranderen en een aangenamer mens te worden, maar zitten allerlei karakterstructuren, omstandigheden, gewoontes en stoornissen je in de weg. Een onoverkomelijke blokkade.

“Als mijn broer sterft, dan doet me dat weinig.” Vermoedelijk interesseerde het die broer ook niet veel dat hij zijn zus(sen) moest achterlaten. Misschien wilde hij (nog) niet dood, maar niet omdat hij zijn zus(jes) nog graag om zich heen had.

Voor mij zijn familie en het gezin en vrienden heel erg belangrijk. Van een tijdelijke of chronische slechte band kan ik echt heel veel stress en verdriet hebben. Ik ben gesteld op harmonie. Familieleden die al meer dan dertig jaar dood zijn en die voor mijn twintigste zijn gestorven, gedenk ik nog regelmatig en ze leven als het ware met me mee en ik leef nog altijd met hen mee, ook nu ze al zo lang niet meer onder ons zijn.

Ik zal ze uit eigen beweging niet vergeten. Ook niet die verre oom die alcoholist was en vreemdging met de vrouw van zijn broer. Voor mij was hij aardig. Ajax bond ons. Hij vond het schitterend dat ik als journalist van een voetbalweekblad over Henny Meijer, een Surinaams-Nederlandse voetballer, had geschreven: ‘De spits met het meest swingende achterwerk van Nederland’. Zijn vermaak over die ene zin vatte ik op als een gigantisch compliment. Hij vond het duidelijk leuk dat een neef van hem zoiets leuks (in zijn ogen) had bedacht. Hij mocht me graag. Dat voelde ik. Dat hij ook minder verstandige en nobele dingen had gedaan, tja… wie zonder zonde is, werpe de eerste steen.

Maar zelfs om de dood van familieleden die echt fout en onuitstaanbaar waren, rouw ik, al is het maar een heel klein beetje. Het is toch je familie…

http://www.rolanddanckaert.nl

 

 

 

 

 

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

In 2020 een kasteel bewonen in 1316

Wie bang is voor paarden, geweld en voor hoogtes moet geen ridder worden…

*

Ik zit bij de gracht rondom het kasteel en geniet van de witte waterlelies in de ronde ‘vijver’ en van de schoonheid van het oude, robuuste en toch fraai vormgegeven gebouw. In mijn fantasie zie ik een andere tijd, een tijd waarin de kasteelheren grootgrondbezitters waren en samen met de kerkvorsten politieke macht hadden en er een hele hofhouding op nahielden. Machines, elektrische apparaten en gemotoriseerd verkeer bestonden nog niet, alles was handwerk en paarden en ezels en de eigen benen en voeten zorgden voor de verplaatsingsmogelijkheden.

Ik zie in mijn verbeelding de in mooie kleren gestoken, trotse en charismatische kasteelheer die alsmaar strategische plannen maakt en die alles bepaalt. Ik zie ook in lompen gehulde hardwerkende keukenhulpjes, tuinmannen, wasvrouwen, dierenverzorgers en paardenverzorgers. Ridders – de soldaten van de kasteelheer – slijpen hun lansen en speren en zwaarden, staan op de torens van het kasteel op de uitkijk of trekken er te paard op uit om de omgeving te verkennen of om een bezoek te brengen aan en een belangrijke boodschap af te leveren voor een vijand van hun baas. Ik ruik het open vuur. Ik ruik het vuurhout maar ook de varkens aan het spit.

Het is rond 1316. De Middeleeuwen heb ik altijd geromantiseerd vanwege de kastelen, paarden, koetsen, manier van kleden, stoere ridders, de man tegen man-gevechten, de mooie jonkvrouwen en open vuren, maar vooral vanwege de afwezigheid van de moderne techniek, van de moderne, drukke, hectische, overbevolkte maatschappij. In werkelijkheid was het natuurlijk helemaal niet zo’n mooie tijd: barbaars, gewelddadig, moordzuchtig, meedogenloos, onrechtvaardig, een enorme ongelijkheid tussen mensen, veel stank, een bar-slechte hygiëne, veel ziekten, een wurgende sociale controle, veel kindersterfte, veel slopende sterfprocessen en geen fatsoenlijke rechtsspraak.

Maar toen wisten de mensen niet beter. Ze beschikten niet over het comfort dat wij nu hebben. Maar ik denk wel dat ze het betreurden dat de leefomstandigheden zo bar en boos waren, dat er zoveel onrechtvaardigheid en geweld was en dat velen zo onvrij waren.

Ik denk dat het fijner is om nu, in 2020, bij dit kasteel te vertoeven dan in 1316. En toch zou ik graag eens in een tijdmachine willen kunnen stappen om te ervaren hoe het toen was. En natuurlijk ben ik dan die rijke en machtige kasteelheer met een mooie edele echtgenote of een van zijn koene ridders te paard.

 

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen