Het leven van John Lennon

Alles en iedereen is onderhevig aan slijtage… Veel is te repareren, veel ook niet. Dit is een natuurwet. Waarom het zo is? Omdat het zo is… En toch lijken sommige dingen zich aan die wet te onttrekken, zoals de kracht en schoonheid van een lied of muziekstuk en de liefde tussen mensen die elkaar altijd trouw blijven…

Het nummer ‘Imagine’ van John Lennon, dat in Engeland en Amerika bij mijn weten nooit een nummer 1-notering heeft behaald, staat op nummer 1 in onze Top 2000. Ik heb het altijd een van de mooiste songs en muziekstukken ter wereld gevonden, qua vorm (simpel en mooi) en qua inhoud (idealistisch, spiritueel en waar).

‘Imagine’ was misschien wel het eerste lied dat zo idealistisch was. Het is het meest spirituele lied aller tijden en is niet te overtreffen, het blijft bovenaan staan qua vorm en inhoud. Ik heb het dan ook altijd mijn muzikale bijbel genoemd.

Het lied maakte vooral indruk op me tijdens een kerkbijeenkomst op een kerstavond (in de Heilige Hart-kerk te Roermond). Ik was een jaar of twintig, geloof ik, misschien een paar jaar ouder. De hoogzwangere, koude kerk zat te dampen van de adem van alle bezoekers. Afsluitend werd ‘Imagine’ ten gehore gebracht. Naast me zat een rossige jongen van mijn leeftijd die ik kende van zien en die geestelijk altijd in de war was, volgens mij door drugsgebruik. Hij was vriendelijk en worstelde duidelijk met zijn kwalen. Niet met zichzelf, maar met zijn kwalen en toestand, dat is namelijk een verschil. Ook hij genoot enorm van het nummer. Hij zei, intens genietend: “Prachtig nummer is dit.” En de hele kerk voelde het zo. Nooit heb ik zo’n eensgezindheid gevoeld in een kerk, zo’n collectief genieten. ‘Imagine’ was op dat moment Almachtig, God.

Ik hoop dat meer Nederlanders zich nu eens gaan verdiepen in het andere solowerk van John. Nummers als ‘Bless You’, ‘Out Of The Blue’, ‘Here We Go Again’, ‘Steel and Glass’, ‘Scared’, ‘Nobody Loves You…’, ‘Mind Games’, ‘Nobody Told Me’, ‘You Are Here’, ‘Beautiful Boy’, ‘Sweet Bird Of Paradise’, ‘Grow Old With Me’ en ‘Old Dirt Road’ zijn eveneens zeer de moeite van het beluisteren waard. En dan heb je nog de nummers die hij nooit meer heeft kunnen uitbrengen vanwege zijn dood, maar die hij thuis vervaardigde en die op Youtube zijn te vinden onder ‘Home Tapes’… ‘Real Love’, ‘Memory’, ‘Solitude’ en ‘Free As A Bird’ bijvoorbeeld. ‘Now and Then’ vind ik de mooiste. Ontroerend zelfs.

Maar John Lennon was ook een begenadigd schrijver/woordspelingskunstenaar en tekenaar. Hij heeft heel veel eenvoudige maar leuke en grappige tekeningen gemaakt en erotische/pornografische lithografieën. Daarnaast heeft de Liverpooler in zijn Beatles-tijd in films gespeeld, maakte hij met Yoko experimentele albums met allerlei rare geluidsopnames (de grote Beatle durfde dat gewoon!) en bracht hij een optische studie uit met als studie-object zijn eigen penis (John Lennon was zeer seks-gericht. Sommige mensen vinden dat verwijtbaar, verderfelijk en vies, ik vind dat menselijk en normaal, zeker aangezien hij nog veel meer bezigheden en interesses had en dus geen seksfreak was).

HET LEVEN VAN JOHN LENNON

Naar aanleiding van John Lennon’s ‘Imagine’ ben ik me gaan verdiepen in zijn werk als Beatle en als solo-artiest, maar ook in zijn leven, gedrag en karakter. Talrijke boeken heb ik van en over hem gelezen. Vrijwel al zijn muzikale en artistieke werk heb ik zeer herhaaldelijk bekeken en beluisterd. John Lennon is vijf jaar lang een obsessie voor me geweest.

Een levensverhaal wordt altijd gedomineerd door levensbepalende gebeurtenissen. Meestal zijn er een paar heel positieve gebeurtenissen met heel veel impact (de liefde van je leven, de geboorte van je kind of kinderen, je doorbraak, succes, heel veel geld verdienen) en zijn er heel veel negatieve ervaringen met enorm grote, levenslange gevolgen, met name op emotioneel, psychosomatisch en psychologisch niveau (ziekte, rouw, chronische kwalen, ontslag, conflicten, rampen, ongelukken, trauma’s, echtscheiding, eenzaamheid, verlatenheid, vicieuze cirkels, onrecht, het aanhikken tegen je eigen sterfelijkheid etcetera).

WAT KENMERKTE HET LEVEN EN DAARMEE DE BELEVING VAN JOHN LENNON?

Iedereen voelt zich weleens eenzaam, maar John Lennon heeft zich lange tijd – onbewust vooral – heel erg anders gevoeld dan de rest, én daardoor was hij in de kern verschrikkelijk eenzaam, zelfs met en tussen al die mensen. Lange tijd leefde de artiest niet het leven dat of zoals hij het wilde leiden en werd hij niet omringd door de mensen die hij echt heel erg prettig/ondersteunend vond, nodig had en bewonderde. Zijn ouders waren labiel en konden of wilden niet voor hem zorgen en zijn pleegmoeder, tante Mimi, was een strenge, koude, stijve, harteloze maar goed bedoelende feeks.

Daarbij ontvielen hem steeds weer belangrijke mensen (de liefste mensen) in zijn leven: zijn ‘pleegvader’ en oom George rond zijn twaalfde, zijn moeder Julia rond zijn zeventiende (door een aanrijding), zijn boezemvriend Stuart Sutcliffe rond zijn tweeëntwintigste en zijn vriend en manager Brian Epstein rond zijn zevenentwintigste. Er zat steeds een periode van 5 jaar tussen, bedenk ik me nu!

Op school werd John Lennon meestal niet begrepen door zijn leraren. John zat niet graag op school, liever was hij creatief bezig en werd hij wijs door levenservaring. Van school zag hij het nut niet zo in, hij wist wat hij met zijn leven wilde gaan doen. John maakte en had veel problemen op school. Thuis was er zijn rechtse en koude tante/pleegmoeder Mimi die hem steeds inprentte dat hij met muziek de kost niet zou kunnen verdienen en dat hij bovendien helemaal niet zo goed was.

Zijn eerste vrouw Cynthia Powell was aantrekkelijk en John was aanvankelijk heel erg geil op haar, maar het is de vraag of hij diep van binnen werkelijk van haar heeft gehouden. John voelde met name na de eerste stormachtige maanden van verliefdheid dat ze hem niet kon bieden waarnaar hij op zoek was, wat hij nodig had. Hij zong dan ook ooit, in ‘Real Love’: “I was in love before, but in my heart I wanted more”.

Cynthia – een getalenteerde kunstenares en later de beste moeder aller tijden voor hun zoon Julian – was lief en braaf, een beetje een meeloper zonder veel eigen inbreng. Ze was fan van The Beatles en genoot van het leventje met The Beatles. Niets mis mee, maar wel voor John. Hij beleefde het namelijk heel anders!

John – helemaal weg van rock ’n roll – was natuurlijk blij met het succes van zijn eigen band The Beatles, maar vanaf het eerste moment dat de band commercieel werd geëxploiteerd, was het niet meer helemaal zijn ding. Hij wilde eigenlijk helemaal niet in nette pakken op de bühne staan en zijn rock ’n roll-kapsel veranderen.

Voor het heil van het succes en onder de dominantie en het enthousiasme van Brian Epstein en Paul McCartney ging John erin mee en het leverde de band veel succes op, maar John voelde zich niet vrij. Dikwijls voelde hij zich gevangen. Hij zat in een keurslijf waarin hij niet voldoende en vrij kon ademen.

Ik betwijfel of Cynthia dit begreep. Volgens mij totaal niet. Zij vond het juist allemaal prachtig. Mede daardoor – maar ook door drank- en drugsgebruik en overspel van John – groeiden John en Cynthia uit elkaar. Maar in wezen waren ze toch al niet voor elkaar gemaakt. Vooral John voelde dat. Hij maakte toen alleen nog niet bewuste, eigen keuzes. Zonder na te denken bezwangerde hij Cynthia. Omdat hij eigenlijk niet (meer) zo dol was op Cynthia, kon hij vermoedelijk nooit helemaal hartstochtelijk van zijn eerste zoon Julian houden. Julian was ook nog eens een moederskindje (al kwam dat tevens, omdat John veel van huis was en het altijd druk had en altijd bezet was).

Gaandeweg verloor John – de eerlijkste en meest diepzinnige moderne songwriter aller tijden – zijn interesse in The Beatles en werd Paul – de grootste moderne componist aller tijden – de leider van de band.

OOK BINNEN ZIJN EIGEN BAND WAS JOHN EEN VREEMDE EEND IN DE BIJT

Wil je iemand echt kennen en begrijpen, dan moet je zijn unieke levensverhaal én beleving (die John prijs heeft gegeven in songs en interviews) bestuderen en alle facetten verzamelen en aan elkaar rijgen. Soms zijn kleine dingetjes of op het oor onbelangrijke uitspraken heel erg veelzeggend. Ringo Starr zei ooit: “John was een rare, maar we houden allemaal van hem.”

Dat zegt alles. Precies zoals het was, namelijk dat John ook binnen The Beatles afwijkend was (een rare), heel anders dan de rest. John was niet alleen muzikant/zanger/tekstdichter, hij had een bizar gevoel voor humor, was altijd bezig met schrijven en tekenen (al was het op ansichtkaarten) en met grappige en spitsvondige woordspelingen. De op een na oudste Beatle was veel alternatiever, linkser, artistieker en controversiëler dan de andere bandleden plus aanhang, management en producerteam.

Ik herhaal: John voelde zich lange tijd existentieel eenzaam en anders, onbegrepen en alleen. Hij kon niet de dingen op zijn manier doen, terwijl hij juist een heel sterke creatieve impuls en vrijheidsdrang had. Plus hij had niet de mensen om zich heen met wie hij echt kon lezen en schrijven.

Stuart Sutcliffe was – tot aan de ontmoeting met Yoko – waarschijnlijk de eerste en tot dan toe enige mens met wie de voormalige Kunstacademie-student zich ECHT verbonden voelde. Met Stuart kon hij filosoferen, bomen opzetten over allerhande onderwerpen en over het leven praten en schrijven. Maar Stuart zat maar even bij de groep. Hij was eigenlijk een slechte en ongeïnspireerde basgitarist en veel meer kunstenaar dan muzikant. John was er kapot van toen Stuart zijn eigen weg koos (als kunstenaar): na zijn vader en moeder raakte hij weer iemand kwijt. Tot overmaat van ramp overleed Stuart niet veel later aan een hersenbloeding (ik heb ergens gelezen dat het een hersentumor was, maar dat is volgens de meeste bronnen fout).

Paul McCartney – die dol was op de ontmoetingen met beroemde mensen en vooral filmsterren – voelde zich prima in het commerciële concept van The Beatles, bedacht door Epstein en de platenmaatschappijen. John en Paul zijn allebei muzikale genieën, maar totaal andere mensen. Behalve de liefde voor muziek en hun muzikale talent hadden ze bitter weinig met elkaar gemeen, behalve dan hun gevoel voor humor en geilheid/liefde voor vrouwelijk schoon en seks. Maar als mens zijn of waren ze totaal verschillend. Wezenlijk anders.

YOKO WAS WIE JOHN ZOCHT EN NODIG HAD

En toen kwam Yoko op het toneel van zijn leven. John had al voor de ontmoeting met Yoko zijn interesse verloren in zijn vrouw Cynthia en in het concept en het leven van en met The Beatles. Nog altijd had hij geen vorm kunnen geven aan zijn eigen behoeften, ideeën en karakter. Zijn tante Mimi – die hem al vanaf jonge leeftijd had grootgebracht – liet nog steeds nooit merken dat ze trots op hem was of voelen dat ze vond dat hij iets moois had bereikt. John moet zich enorm eenzaam hebben gevoeld, leeg, alleen en onbegrepen. Hij zat alleen op zijn eiland in die grote oceaan met al die mensen. John kwam vaak van zijn eiland af, maar zonder zijn eiland echt te verlaten. Snap je?!

John vond Yoko mooi, geil, interessant, vernieuwend, spannend, wijs en sterk. Het voordeel was, dat zij niets met The Beatles te maken had gehad en in een heel ander wereldje zat, dat van de avantgarde kunst. Voor Yoko waren The Beatles niet zo belangrijk als voor Paul, Ringo, George en vooral Cynthia, de fans, de media en de producers en platenmaatschappijen.

Eindelijk iemand die begreep dat John zich los wilde en moest maken van The Beatles, zijn eigen dingen wilde doen, vrij wilde zijn, niet langer wilde vastzitten in en aan een commercieel concept. En eindelijk een vrouw met hij niet alleen heerlijk kon neuken, zuipen en trippen, maar met wie hij bovenal kon filosoferen en die hem een schop onder zijn kont gaf en aanmoedigde om zijn eigen ding te doen op zijn eigen manier.

John was verkikkerd op Yoko en raakte verslaafd aan haar. Dat laatste klinkt als een beschuldiging, maar zo bedoel ik het niet. Ook ik vind Yoko, zoals ze in de media verscheen en vroeger optrad,  maar een rare, aparte, afstandelijke en zakelijk ingestelde schreeuwlelijk, maar John hield zielsveel van haar en had eindelijk iemand gevonden met wie hij zich ECHT verbonden voelde en die nog excentrieker was dan hijzelf.

John heeft altijd benadrukt dat Yoko zijn goeroe was, zijn leermeester, zijn grote inspirator en stok achter de deur. Bijna verknalde John zijn relatie met Yoko door zijn overspel, beledigingen en drank- en drugsmisbruik. Yoko zette haar lover aan de kant en daarvan was John dan ook kapot. Ongeveer vijftien maanden waren ze uit elkaar en gedurende die maanden had Lennon maar 1 doel: ooit weer bij Yoko zijn.

De buitenwereld deelde John’s adoratie voor Yoko totaal niet. De buitenwacht was op de hand van die lieve, mooie, bedrogen Cynthia. Vrijwel iedereen vond Yoko maar een rare snoeshaan en vond haar voortdurende aanwezigheid (op aandringen van John die geen moment zonder haar wilde en kon) heel erg irritant.

Yoko moest zich volgens de buitenwacht zo nodig bemoeien met The Beatles en met alle geweld met John het podium op, waarbij ze nooit veel anders liet horen dan hekserig gekrijs en geschreeuw. Haar eigen liedjes en muziekcarrière stonden bol van de onbegrepen en niet-gewaardeerde excentriciteit. Vrijwel iedereen vond dat Yoko’s inbreng afbreuk deed aan John’s werk, ontzettend storend was. Ik ook.

Ik erken dat Yoko belangrijk was voor John en dat hij haar d’r eigen muziekcarrière gunde en in stand hield, maar hij had nooit moeten toestaan dat ze met hem op het podium stond en dat ze met hem liedjes opnam. Yoko kon en kan gewoon niet zingen. Ze maakte zelden een MOOIE song. Echter, John zal er wel geen spijt van hebben gehad en dat is wat telt, voor hem.

John zat nu met Yoko op het eiland. Hij was niet meer alleen. Later kwam hun zoon Sean erbij, na vier of vijf miskramen. Onderschat dat eiland-gevoel niet. Dat is essentieel voor John, dat gevoel overheerste. De hele wereld leek tegen Yoko te zijn, de vrouw van wie hij zo hield, door wie hij eindelijk, voor het eerst van zijn leven, niet meer existentieel alleen en eenzaam was. Ik begrijp dat gevoel volkomen. Ik heb precies hetzelfde, met Sandra. Slechts één iemand hebben (van dezelfde generatie, later komen er natuurlijk de kinderen bij, al is die verstandhouding toch anders) met wie je je echt verbonden voelt.

Met Yoko werd John in elk geval vrijer en durfde hij meer zijn eigen weg te gaan, te kiezen. Hij leefde zich muzikaal uit op de manier die hem altijd voor ogen had gestaan en kleedde zich zoals hij wilde en zei wat hij wilde zeggen, wat hij dacht. Niet langer hoefde John rekening te houden met anderen en in het gareel te lopen van een commercieel concept. Eindelijk kon hij authentiek zijn. Eindelijk had hij iemand die hem begreep EN iemand die hij kon begrijpen en bewonderen en die deel uitmaakte van zijn dagelijkse, persoonlijke leven, die BIJ hem HOORDE!

En Yoko voegde haar excentrieke kunst en muziek aan zijn werk toe. John stond er helemaal voor open, hij vond dat excentrieke geweldig. Hij kon wel wat nieuwe impulsen gebruiken. Hij vond het verrukkelijk dat Yoko zo anders was en durfde te zijn. Samen streden ze voor de wereldvrede, steunden ze – ook financieel – allerlei goede doelen en protestacties en bedachten ze allerlei projecten om de mensen na te laten denken en bewuster te maken van veel dingen.

John durfde aanstootgevende erotische/pornografische lithografieën te maken en eindelijk zijn enorme seksdrive in kunst om te zetten, hij durfde experimentele albums te maken met allemaal rare geluiden… John had de tijd van z’n leven. De meeste mensen begrepen hem en vooral John-in- combinatie-met-Yoko totaal niet, maar ze hadden elkaar.

John vond het soms zwaar maar meestal heerlijk om bijna vijf jaar lang huisman te zijn en voor Sean te zorgen. Yoko deed alle zaken. John wandelde en fietste graag door New York, hield van zwemmen en zeilen, reisde graag en veel, droomde van een leven op het platteland in Ierland, keek graag naar de zonsopgang en naar de skyline van New York en vond het zalig om te lezen, tv te kijken, brieven te schrijven, te filmen en fotograferen, de muziekscène op afstand te volgen en brood te bakken.

Natuurlijk bleef hij zelfs als huisman muziek maken en tekenen. Hij bracht het alleen niet uit. Voor het eerst sinds twintig jaar zat hij eens even niet in die mallemolen, hoefde hij niet te presteren en te vechten om in de hitlijsten te komen en/of te blijven en werd hij niet geleefd door anderen. Iedereen die begrijpt hoe John werkelijk in elkaar stak en die goed doordrongen is van zijn leven als super artiest, zal begrijpen waarom hij die vijf jaar als huisman nodig had en waarom hij in die tijd clean werd.

DE KORTE COME-BACK

Na die vijf jaar was Sean niet meer helemaal hulp- en zorgbehoevend en wilde John Lennon SAMEN MET YOKO als vanouds muziek gaan maken, projecten bedenken, de media bespelen en maatschappelijk en politiek actief worden.

John Lennon – die overigens heeft meegespeeld en meegezongen op de hit ‘FAME’ van David Bowie (John  produceerde die plaat) – kwam als mens en muzikant als herboren uit die vijf jaar sabbatical (in hoeverre kun je het intensief zorgen voor een kind een sabbatical noemen?). Zijn deel van hun gezamenlijke album ‘Double Fantasy’ met liedjes van John en aparte liedjes van Yoko was en is steengoed. Het beste moest nog komen en zou komen, want John had nog heel veel materiaal liggen voor volgende singles en albums.

Helaas maakte zijn moordenaar – Mark David Chapman – een einde aan de toekomst van John Lennon. Een paar maanden daarvoor had John zich in een interview nog afgevraagd wat voor zin het allemaal had als je als vredesactivist als Martin Luther King en Gandhi werd vermoord… Nu was hij zelf aan de beurt…

De avond tevoren had hij nog met Yoko aan haar nummer ‘Walkin On Thin Ice’ – een van haar beste songs – gewerkt…

John was Yoko zo verschrikkelijk dankbaar voor al haar harde werk, pragmatische inzet en adviezen, wijsheid, liefde, creativiteit, steun en ideeën. Hij bewonderde haar en haar werk zo enorm. Hij had haar zo hard nodig! Ze was een belangrijk onderdeel van hem.

John was niet in staat om objectief naar Yoko’s muzikale prutswerk te kijken. Niet alles wat ze zong of schreeuwde was voor de normale, objectieve muziekliefhebber hemeltergend, maar veel – het meeste – wél. Echter, wij hebben Yoko nooit privé gekend, voor ons persoonlijk heeft ze niets of niet veel betekend, wij hebben niet zo ontzettend van haar gehouden. John wel. Bij Yoko verbleekte voor hem alles en iedereen. Niemand kon wat hem betreft aan haar tippen en ook niet aan wat John voor haar voelde. Ze was zijn lust en zijn leven, degene die zijn eenzaamheid ophief, die met hem zijn eiland bewoonde en er hun eiland van maakte.

Stel je eens voor wat John Lennon nog voor de (muziek)wereld had kunnen betekenen…

Zijn werk en persoonlijkheid worden heel erg gemist. Van hem is er geen tweede en zal er nooit een tweede komen. Zijn zoon Sean lijkt deels op hem (qua excentriciteit, levenslust, vindingrijkheid en muzikaliteit) en zijn zoon Julian ook (qua idealisme, artisticiteit en muzikaliteit). Maar hoe geweldig die mannen ook zijn, ze kunnen niet tippen aan de interessantheid, het karakter, de spitsvondigheid en het talent van hun vader, en al zeker niet aan zijn carrière en unieke leven.

Het is fijn dat John Lennon heeft geleefd en veel moois, leuks en goeds heeft nagelaten. Voor velen was Yoko een vervelende bijkomstigheid en een wormvormig aanhangsel door en met wie hij heel bizarre en rare dingen heeft gemaakt, maar vergeet niet dat heel veel goede en wijze dingen die John heeft gezegd en gedaan en dat heel veel mooie dingen die hij heeft gemaakt puur zijn gebaseerd op de inspiratie van en liefde van en voor Yoko.

http://www.rolanddanckaert.nl

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s