Brieven van Sander aan zijn overleden moeder

De moeder van Sander is nu anderhalf jaar dood. Gestorven aan een hartstilstand. Ze was zelf hartchirurg. Het lot heeft gevoel voor ironie. Dat is zacht uitgedrukt. Het lot doet hard haar best om de ironie keihard in ons gezicht te gooien, zoals de sterkste jongen van de klas met trefbal dat leren ronde ding keihard tegen je smoel gooit waarna je het gevoel hebt dat al je tanden eruit zijn gesmeten en je totale kop is opgezwollen, en brandt.

De moeder van Sander ligt begraven op de gemeentebegraafplaats, op een hoek. Ze ligt tegenover haar oude overbuurvrouw. Weer dat lot dat altijd zoekt naar een ironisch plot.

Meteen na haar dood begon Sander gesprekken te voeren met zijn dode moeder. Hij praatte meer tegen haar dan hij tijdens hun leven samen ooit had gedaan. De hele dag door communiceerde hij met de vrouw die hem had leren praten, zelfs tijdens het poepen. Voor zijn gevoel is ze er nog. In ieder geval in zijn beleving. Ze is vertrokken voor een lange reis, en hij houdt contact met haar.

Vijf weken na haar overlijden begon Sander brieven aan zijn moeder te schrijven, en dat doet hij nog steeds, soms meerdere op een dag, op een halve dag zelfs. Het is niet dat hij haar zo in leven houdt, ze leeft voor zijn gevoel nog. In elk geval voort in zijn herinnering. Maar niet alleen in zijn herinnering, ook in zijn heden. Sander heeft nooit geloofd in een leven na de dood of in het hiernamaals, als kind geloofde hij daar al niet in. Echter, sinds zijn moeder er niet meer is, hoopt hij vurig dat er toch nog iets is. En dat ze over zijn schouder zijn brieven meeleest.

Sander bewaart de eenzijdige correspondentie in speciale mappen die hij archiveert in een bureaukast op zijn kantoor-aan-huis.

Sander haalt niet zozeer herinneringen met of aan haar op, als wel dat hij zijn moeder gewoon door brieft wat hij allemaal beleeft. Vandaag heeft Sander aan zijn moeder geschreven dat hij en zijn man Alex de kerstboom hebben opgetuigd. Een witte engel doet dienst als piek.

Nu ze dood is, heeft Sander een betere band met zijn moeder dan toen ze nog leefde. Nu kan hij zich niet meer aan haar ergeren en zich daar niet meer verschrikkelijk schuldig over voelen, al blijft het oude schuldgevoel aan hem knagen. Nu kan hij niet meer hopen dat ze hem niet weer belt of dat ze onverwachts op de stoep staat, net als hij bezig is met iets anders of gewoon geen zin heeft in haar.

Nu ze dood is, is Sander weer net zo close met zijn mama als toen hij klein en zij een jonge vrouw was.

Toen ze nog leefde, schreef hij haar nimmer brieven, of kaarten. Maar nu smeedt hij via die brieven opnieuw een hechte band met haar. Nu is ze een goed adresje om zijn eenzaamheid op te heffen… Ze is gepromoveerd tot zijn vertrouwenspersoon en eeuwige metgezel. Sander heeft er een levensvriendin bij…

 

 

 

Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s