Herinneringen aan een katholieke jeugd

Hoewel ik uit twee katholieke families kom – van zowel vaders als moeders kant – kan ik me niet heugen dat er bij ons thuis en tijdens familiebezoeken over het geloof werd gesproken of gedebatteerd. In het zuiden werd en wordt het geloof niet heel intensief en expressief beleden, en al zeker niet streng. Tijdens familiebijeenkomsten en gedurende het dagelijks leven in ons gezin werd er over van alles gesproken en geruzied, maar nooit over God of de kerk. Samen koffie drinken en vlaai eten en de dagelijkse gang van zaken doornemen, daar draaide het in onze periferie veel meer om.

De Bijbel was in onze familie in geen velden of wegen te bekennen. In woonkamers stond of hing hooguit een kruis en/of heiligenbeeld en dan meer ter decoratie dan als ‘vereringsstuk’.

Men geloofde, omdat dit van ouders op kinderen als vanzelfsprekend werd doorgegeven en omdat iedereen in de hemel wilde komen, zich van het eeuwige paradijs wilde vergewissen. Ik schrijf dit expres in de verleden tijd, omdat mijn vrouw en ik niet meer gelovig zijn en ons hebben laten uitschrijven bij de kerk, en omdat heel veel neven en nichten van mij evenmin (nog) gelovig zijn. Doordat de kerk steeds maar haar grip op de burgers en samenleving heeft verloren, is de huidige generatie minder geïndoctrineerd door de kerk, en die vrijheid hebben we te baat genomen om zelf na te denken en een eigen levensvisie en levensstijl te ontwikkelen.

Terug naar mijn kindertijd. Net als mijn opa en oma gingen mijn ouders, twee oudere zussen en ik op zondag naar de kerkdienst. Het was in een eenvoudig, modern maar lelijk gebouwtje met een bescheiden vierkanten torentje met bel. Ik kan me heel weinig van de diensten herinneren, behalve dat de houten klapstoelen zo ongemakkelijk zaten en dat het verschrikkelijk saai was, dat de pastoor nooit enige indruk op me wist te maken met zijn stem en verhalen. Alleen de muziek en het zingen vond ik fijn. Ach, ik ging en stribbelde nooit tegen, zo erg was dat uurtje nou ook weer niet. Ik ging gewoon mee.

Mijn zussen en ik werden net als onze neven en nichten gedoopt na de geboorte. We deden communie toen we acht jaar waren. Ik herinner me dat ik tijdens de communie net als oom Jean zo vaak per se een zwarte broek met rode bloes wilde dragen en dat ik van oma een mooi rode horloge kreeg, mijn eerste horloge dat het overigens zoals al mijn latere horloges – ik draag er al jaren geen meer – snel kapot ging. Ik kan niet overweg met horloges, maak ze op de een of andere manier snel stuk.

En ik herinner me dat ik van bisschop Gijsen een nat kruisje op mijn voorhoofd kreeg, tussen mijn ogen. Het zal wel het Vormsel zijn geweest. Geen idee op welke leeftijd dat was. Wel weet ik dat ik het best spannend vond om van de bisschop dat kruisje te krijgen, maar ik was en ben het type dat voor alles nerveus en gespannen is. Wat het Vormsel precies inhield, dat kregen we door niemand echt ingepeperd.

Misschien dat de kapelaan die eens per week op school een uurtje kwam vertellen over God, Maria en Jezus er uitleg over heeft gegeven, ik weet het niet meer. Ik kan me slechts heugen dat ik de eerste kapelaan die we hadden een vervelende, strenge, humorloze en vreugdeloze man vond en dat ik zijn vertelsels als net zo saai beoordeelde als van de pastoor op zondag in de kerk. Deze kleine, slanke, grijze kapelaan – die in mijn herinnering altijd een grijs kostuum droeg – heeft me een keer de klas uitgestuurd, omdat ik de slappe lach had. Ik weet niet meer waarom ik zo moest lachen. Ik had en heb zelden de slappe lach.

Na deze eikel kregen we een gezellige, dikke kapelaan of pastoor in de klas met een gemoedelijke buik en baard. Hij kon wel met kinderen omgaan en leuk vertellen, bijvoorbeeld over zijn reizen naar en werk in Afrika. Hij had het meer over de mensen en het leven dan over wat er in de Bijbel staat. Op een keer hield hij ons voor dat geld niet belangrijk is, waarna ik iets te hard fluisterend tegen mijn buurjongen in de klas zei dat onze buren heel rijk zijn. Deze afgevaardigde van de kerk hoorde het, maar stuurde me niet de klas uit. Hij keek me minzaam glimlachend aan, maar ik voelde dat hij het jammer vond dat ik dat had gezegd. Daarna vervolgde hij onverstoord zijn verhaal. Hij droeg het me niet na. Ik mis hem tot op de dag van vandaag. Ik vond het jammer toen hij van de ene op de andere week niet meer kwam. Hij was een heel aangename persoon. Ik vraag me nog weleens af wat er van hem is geworden. Maar ik weet zijn naam niet meer en kan dus geen research doen naar hem.

Verder herinner ik me vaag iets over de kinderbibliotheek-bus die een keer in de week of maand in onze wijk stond en waar je geloof ik ook de kinderbijbel kon lezen, of zoiets. Ik meen dat mijn zussen daar vaker heen gingen. Doch ook zij hadden niet echt iets met het geloof. Nogmaals, thuis werd eigenlijk nooit over het geloof gesproken. Ook niet over wat er op zondag in de kerk was gezegd. We bereidden ons nimmer voor op een kerkdienst, deden alleen nette kleren aan en kamden onze haren, want blijkbaar was het belangrijk dat je er verzorgd uitzag. God hield kennelijk een esthetisch en hygiënisch oogje in het zeil… Wat me verder bij staat, is dat er hooguit werd gezegd dat de muziek tijdens de heilige mis mooi was of dat iemand vals zong. En er werd tijdens een kerkdienst wel gefluisterd over mensen die we kenden en die er ook waren, en na de kerkdienst werd er bijvoorbeeld gepraat over wat de buurvrouw aan had of had gezegd.

Het geloof was er wel maar toch ook weer niet.

Mijn moeder ging op zondag mee naar de kerk, maar diep in haar hart verachtte ze toen al de kerk en de kerkvertegenwoordigers. Dat heeft te maken met het feit dat ze geen leuke tijd had toen ze op kostschool zat bij de nonnen. Die waren niet erg kindvriendelijk en levensvreugdig. Mijn moeder had steeds het gevoel dat ze liever thuis wilde zijn, bij haar ouders, broers en zussen en haar inwonende oma, opoe. Nog steeds moet mijn moeder niets van kerken hebben. Ze zet geen stap in een Godshuis. Ze vindt het zelfs akelige gebouwen. De strohalm van het gebed grijpt ze wel nog altijd beet. Ze bidt – thuis, meestal voor het slapengaan – al haar hele moederbestaan lang voor het geluk en de gezondheid van haar kinderen en kleinkinderen. Af en toe gaat ze naar een kapel om een kaarsje voor ons op te steken. Dezelfde kapel waar haar grootmoeder van vaders kant – opoe – 17 kilometer naartoe liep om er voor het zogenaamd wonderbaarlijke Mariabeeld te bidden voor haar kinderen en voornamelijk voor oom Henk die alcoholist was, en die dat tot aan zijn sneue dood is gebleven.

Ik geniet juist van de architecturale en kunstzinnige schoonheid en rijkdom van mooie kerken en van de serene sfeer, ook al ben ik een aanhanger van de evolutietheorie en van andere wetenschap en niet van religie en spiritualiteit. Af en toe woon ik nog een mis bij om van het gezang, de schoonheid van en in het gebouw, de muziek, de kaarsen en de wierook te genieten. Mijn zussen zullen dat allebei niet snel doen. Mijn oudste zus heeft geloof ik niets meer met het geloof, mijn jongste oudere zus is religieus-spiritueel, maar meer op haar eigen manier, los van de kerk en van welke stroming dan ook.

Wij zijn niet (rigoureus) opgegroeid met hemel en hel, met zonden en vergeving. Gelukkig maar. Heel diep en breed was het niet, het religieuze onderricht en de beïnvloeding. Ik herhaal: thuis was het geen thema. Binnen de hele familie niet. Ja, er werd naar de kerk gegaan en zo, maar dat was het. Dat hoorde er nou eenmaal bij. Klaar.

Ikzelf ontwikkelde vanaf mijn elfde een haat-liefde verhouding met God. Ik was erg boos op hem dat hij mijn gebeden nooit verhoorde, dat ik ongelukkig was over mijn uiterlijk en dat mijn vader altijd zo agressief deed tegen voornamelijk mijn communicatief en assertief totaal niet tegen hem opgewassen moeder, en soms ook tegen zijn kinderen.

Op een gegeven moment herhaalde ik standaard tegen mijzelf: “God is de duivel!” Ik vond God maar een eikel, een lul, een klootzak die het verschrikkelijk liet afweten. Ik heb zelfs nog een klachtenbrief geschreven over God die ik bij de kerk voor de deur heb neergelegd. In die brief schreef ik dat God de duivel was, omdat hij me niet verloste van mijn beschamende rode wangen en het hevige blozen. Volgens mij heb ik die brief niet ondertekend. Ik heb er nooit wat op gehoord.

Ik hoorde wel wat op en van een brief die ik na een vakantie in Spanje had geschreven en had gepost aan een Spaans meisje in hetzelfde bungalowpark, Jonien. Tijdens die vakantie was ik te verlegen om haar aan te spreken en te versieren, maar ik was heel erg dol op haar. De brief die ik haar met behulp van een woordenboek Nederlands-Spaans had geschreven, kwam retour. Jonien’s vader scheen razend te zijn. Mijn vader beet me toe: “Dat doe je nooit meer!” Alsof ik dat meisje had verkracht. Ik had haar alleen maar een liefdesbrief geschreven in slecht Spaans!

Ja, dat was wat met mijn seksualiteit. Mijn eerste seksuele, puur erotische gevoelens werd ik gewaar toen ik met een buurmeisje achter in de tuin speelde, in een tent. Ik weet nog dat ik zin had om haar te betasten, maar dat ik niets liet merken, mezelf beheerste. Was ik zes, zeven, acht? Of vier of vijf jaar?

Ik heb ook wel eens mijn pyjamabroek en onderbroek uitgedaan onder de dekens toen een logerend nichtje naast mijn moeder in ons ouderlijk bed lag. Ik was bij hen gekropen en lag naast dat nichtje. Opeens werd ik botergeil en ontblootte ik spontaan mijn billen en pik. Dat was een heel spannend en lekker gevoel. Ik deed mijn broeken nochtans snel weer omhoog, want ik wist dat ik iets deed wat niet mocht en waarmee ik mezelf voor schut zette en te schande maakte. Volgens mij had niemand er wat van gemerkt, mijn moeder niet en mijn nichtje niet. Gelukkig maar. Voor je het weet, ben je de viespeuk van het gezin en van de familie. Mijn moeder was vrij open over seks als we ernaar vroegen, meer met mijn zussen dan met mij. Ze had ook een homo-vriend met wie ze heel close was. Maar als ik zelf wel eens aangeef dat ik me aangetrokken kan voelen tot mannen, dan vindt ze dat merkbaar onprettig. Heel ambigue eigenlijk.

Ooit heb ik – misschien was ik 13 of zo – het BH-bandje van mijn moeder los gemaakt, als een soort van bizarre maar halfslachtige poging om haar te verleiden. “Doe dat niet,” was voor mij voldoende om op te geven en af te taaien. Dat mijn oudste zus me tijdens een van onze niet zo heel veelvuldige ruzies toebeet dat ze wist wat ik met mama had gedaan of bij haar had geprobeerd, legde me het schaamterijke zwijgen op. Ik voelde me ook verraden. Mijn moeder had zoals gebruikelijk mijn oudste zus in vertrouwen genomen, zelfs over zoiets. Vanaf toen wist ik dat ik niets kon flikken zonder dat anderen erover zouden worden ingelicht. Ik kon wel door de grond zakken.

Als beginnende puber las ik soms stiekem op zolder in een voorlichtingsboek voor volwassenen over seks. Het was van mijn vader, geschreven door een Amerikaanse of Engelse deskundige. Hij gebruikte nette, wetenschappelijke termen voor seksuele handelingen, maar al lezende kwam ik wat meer te weten over het scala aan seksuele handelingen die je kon verrichten. Mijn vader was geabonneerd op de Sekstant, het blad van de Nederlandse Vereniging voor Seksuele Hervorming. Volgens mij zat er een folie omheen, want ik kan me niet herinneren dat ik er ondanks mijn nieuwsgierigheid in heb gelezen. Of ik las er niet in, omdat ik bang was dat mijn vader zou merken dat ik erin had zitten neuzen.

Hij was gesteld op zijn privacy en deelde weinig met ons, zeker niet zoiets (en ook niets over zijn ware gevoelens en onzekerheden en kwetsbaarheden). Soms bewaarde hij snoep in de kofferbak van zijn rode Volvo, zodat hij de lekkernijen voor zich alleen had. Dan at hij op de oprit snel een Mars op. En ik mocht absoluut niet op zijn fiets fietsen, bang dat ik hem kapot zou maken. Hij fietste er zelf zelden mee. Op een keer had hij ontdekt dat ik er toch mee had gefietst en werd hij furieus. Waarop mijn toen aanwezige Spaanse schoonbroer sarcastisch en troostend voor mij opmerkte: “Heeft die fiets gouden handgrepen of zo?”

Ter verdediging van mijn vader en/of ter meerdere schande van mijzelf moet ik toegeven dat ikzelf ook wel eens snoep voor mezelf koop en bij de andere gezinsleden vandaan hou, en dat ik mezelf soms grotere porties opschep van warm eten dat ik lekker vind. Plus dat ik het voor mijn gevoel fijnste bord en fijnste bestek – we hebben een ratjetoe wat dat betreft – op het gedeelte van de tafel zet bij mijn keukenstoel. Ook ik kan egoïstisch zijn, hoe empathisch en solidair ik verder ook ben.

Ik legde het seksblad van papa meestal discreet op de tafel in de elf meter lange woonkamer neer als ik het bij de post vond op de deurmat. Nadat mijn vader het van de tafel had gepakt, zag ik de editie nooit meer. Blijkbaar las hij het op zolder of in bed. Ik weet niet of en waar hij alle exemplaren bewaarde.

Gezien hun ruzies vond ik het niet gek dat ik het echtelijk bed zelden hoorde kraken en mijn ouders bijna nooit hoorde kreunen en hijgen. Als het gebeurde, lag ik in bed te wachten totdat het ophield. Soms werd ik er wakker van. Ik vond het heel vervelend om aan te moeten horen, en ik kon niet begrijpen dat mijn moeder nog seks met hem wilde en ik vroeg me af of ze het eigenlijk wel echt wilde. Als het kraken van het bed was opgehouden, stond mijn vader altijd op om naar de wc te gaan. Daarna viel ik in slaap.

In zijn toilettas heb ik ooit een condoom gevonden dat ik toen bij mezelf heb omgedaan uit nieuwsgierigheid. Ik weet niet meer waar ik het rubberen afval heb gelaten. Mijn vader heeft er nooit wat van gezegd. Wel heeft hij eens gezegd dat ik mijn eigen scheerapparaat moest gebruiken (dat ik nog niet had of nog niet had gekregen!) en niet dat van hem.

En tijdens een van onze marathon-gesprekken in de woonkamer – die altijd over voetbal gingen en over hoe geweldig hij het deed op zijn werk – floepte hij er opeens uit dat masturberen heel normaal is en dat ‘men’ zich daar niet voor hoeft te schamen. ‘Waarom zegt hij dat?’ dacht ik, terwijl ik afging als een gieter. ‘Weet hij dat ik mezelf aftrek? En hoe weet hij dat dan?! Shit!!!’ Zo gênant! Wat ik verder van de seksuele voorkeur van mijn vader wist, is dat hij van jarretels hield. En ik vond hem altijd opvallend, opmerkelijk, bewonderend positief over knappe mannen. Hij had er geen moeite mee om het uiterlijk van een mooie man te bewieroken. Daardoor heb ik me altijd afgevraagd of hij misschien bi of homo was.

Religie en seksualiteit bijten elkaar vaak. Monogamie, pas seks mogen hebben na het huwelijk, verplichte totale seksuele onthouding door kerkvertegenwoordigers, het moeten bedwingen van pure lust, zoveel mogelijk kinderen verwekken binnen het huwelijk… allemaal dogma’s van de kerk.  Ja, daar werd op familiebijeenkomsten wel eens wat van gezegd, van hoe pastoors bij je thuis kwamen vertellen dat het wel weer eens tijd werd voor gezinsuitbreiding en dat de zoons toch maar beter een priesteropleiding konden gaan volgen.  In het katholieke zuiden, althans ook binnen onze familie, werd er meestal schamper gedaan over het gedrag van de kerkvertegenwoordigers en hun miserabele en belachelijke ‘privé-massages’.

Maar meestal werd er een beetje bij gelachen, zo van: ‘Het was me wat, wat die pastoors zeiden en verlangden’. Van woede, echte verwijten of rancune jegens de kerkafgevaardigden was beslist geen sprake. Behalve bij mijn moeder. Die haat ‘haar’ nonnen uit haar jeugd nog steeds hartgrondig…

Biechten hebben we trouwens nooit hoeven doen. Godzijdank. Anders had ik moeten opbiechten dat ik ooit stiekem in het dagboek van mijn oudste zus heb gebladerd en vooral rode oortjes kreeg van enkele seksuele passages. Ik voelde me er al rot genoeg over dat ik haar privacy had geschonden. Zoiets doet een goede broer niet. Maar ja, we zijn allemaal zondig, we zijn allemaal ‘maar’ mensen die foute keuzes maken. Dat had zo’n biechtvader me misschien ook wel verteld. Maar ik kwam en kom er toch liever zelf achter…

http://www.rolanddanckaert.nl

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s